– Zangeres in de Ardennen: deel 1 Sint Thibault.

N.B.: Vandaag viert ons trio-lid Gérard zijn 68ste verjaardag! Aan hem heb ik mijn blog op de trio MaGMa site gewijd. U vindt er veel meer info over Gerard en ons trio; 2 video’s en vele leuke foto’s!

Fijn als U hem wilt feliciteren via een reactie op deze en/of onze triosite. Hij zal dat heel erg waarderen!

In 2012 verlieten Eric en ik  Brussel/ Watermaal-Bosvoorde, waar we vier jaar gewoond en gewerkt hadden. Hoewel we onze spullen naar ons huis in Krimpen in Nederland terug lieten verhuizen, waren we vooral in ons vakantiehuis in de Ardennen te vinden vanaf dat moment. Onze vraag was: kunnen we ons zo goed inburgeren, dat we permanent naar Rendeux willen verhuizen? Voor mij was het vooral belangrijk, dat ik ook hier weer samen met anderen muziek zou kunnen maken en concerten geven.

Door een soort Goddelijke ingeving bood ik aan om in de dienst in het schattige kapelletje van St. Thibault te zingen. Gelukkig werd er enthousiast op gereageerd en in november 2013 stond ik daar   “Le roi s’en va t-en-chasse ” in een bewerking van Benjamin Britten te zingen, begeleid door organiste Véronique Dupont. Curé Body was er zo blij mee, dat hij het graag nog een keer wilde horen. Dus dat deden we.

Eric had een video van gemaakt van het hele gebeuren. Het was het feest van St. Hubert, waarop de dieren door de priesters (Body en Aphrodis) worden gezegend. Honden en paarden zijn dan volop aanwezig. Er is een groot vuur op de heuvel en er wordt eten en drinken verkocht. Een jaar later zong ik hetzelfde lied, begeleid door de Nederlandse componist-pianist Peter Visser. Twee jaar later ondersteunde Trio MaGMa de mis met muziek van Rameau en Morin.

Wordt vervolgd….

Marijke

 

– In Memoriam 7 Jan Persijn: The Leaving of Liverpool.

Alweer de zevende maand en dus de zevende video met mijn vader Jan Persijn. Dit keer kunt U “The Leaving of Liverpool” beluisteren in een uitvoering door mijn vader (mondharmonica) en duo Petit Poucet (zang Marijke Persijn en gitaar Franz Neudecker). Ik heb gezocht naar wat wetenswaardigheden over deze ballade en vond op Wikipedia interessante info.

(The) Leaving of Liverpool“, also known as “Fare Thee Well, My Own True Love“, is a folksong. Folklorists classify it as a lyric lament, and it was also used as a sea shanty, especially at the capstan. It is very well known in Britain, Ireland, and America, despite the fact that it was collected only twice, from the Americans Richard Maitland and Captain Patrick Tayluer. It was collected from both singers by William Main Doerflinger, an American folksong collector particularly associated with sea songs, in New York.

The song’s narrator laments his long sailing trip to California and the thought of leaving his loved ones (especially his “own true love”). He pledges to return to her one day.

Er zijn dus twee versies van dit lied. De oudste lijkt van Tayluer te zijn. ( Deze is verloren gegaan.) Tayluer did not say exactly when he learned the song, but he was at sea by 1870, and Doerflinger generally thought his songs were older than Maitland’s. Tayluer did say that he believed the song originated during the Gold Rush, in 1849, and that it concerned a person leaving Liverpool to strike it rich in California and then return. Tayluer’s version mentions neither the David Crockett nor Captain Burgess.

Maitland zei dat hij het lied  “The Leaving of Liverpool” had geleerd “from a Liverpudlian on board the General Knox around 1885. His version has the narrator leave Liverpool to be a professional sailor aboard a historical clipper ship, the David Crockett, under a real-life captain, Captain Burgess.” This would date his version to between 1863, when John A. Burgess first sailed the David Crockett out of Liverpool, and 1874, when Burgess died at sea.

En waarom Liverpool? (De Ballade staat in verschillende boekjes met Ierse Ballades, hoewel Liverpool niet Iers is… Eigenlijk gaat het hier dus om een English Ballad, die echter heel populair is in Ierland.)

Liverpool was a natural point of embarkation for such a song because it had the necessary shipping lines and a choice of destinations and infrastructure, including special emigration trains directly to The Prince’s Landing Stage (which is mentioned in the song’s first line). Whether intending to go as a professional sailor (as in Maitland’s song) or a migrant worker (as in Tayluer’s), Liverpool was a common port from which to leave England.

Wie maakten de Ballade bekend?

The song was first brought into the Folk Revival by Ewan MacColl, who learned it from Doerflinger’s book and recorded it on the album A Sailor’s Garland, produced by American folklorist Kenny Goldstein for the Prestige International label in 1962. That album featured Louis Killen as an accompanist and backup singer, so he learned the song for the album. Killen soon decided to perform it himself, and recorded it in 1963. He also taught it to his friend Luke Kelly. Kelly in turn taught it to the folk group The Dubliners and the singer Liam Clancy of The Clancy Brothers, who were then living and working in America. In 1964, both The Dubliners and The Clancy Brothers (with Tommy Makem) recorded their versions, making it very popular in the Irish music scene in both Ireland and the United States. The Clancy Brothers version reached #6 on the Irish singles chart. In 1966, the Liverpool group The Spinners recorded it, making it a revival standard in England as well. It has since become one of the most popular songs in the revival, and has been performed and recorded by dozens of artists.

Wie zongen en gebruikten het lied en pasten het eventueel aan aan hun eigen stijl? (Voor meer: kijk op Wikipedia)

Bob Dylan in 1963 als “Farewell”. Tom Paxton gebruikte het als basis voor zijn “The Last Thing on My Mind”.   

“Leaving of Liverpool” inspireerde ook cowboy music. Ed Stabler schreef een cowboy versie: “The Leavin’ of Texas”.

De  tune vinden we ook terug in de Titanic (1997 film), tijdens de scene waar de Titanic wegvaart uit  Ierland: “Take her to sea Mr. Murdoch”. (James Horner)

Een versie die ik echt zou willen aan raden, is die van Tony Rice : “Fare Thee Well” op zijn “Cold on the Shoulder” album uit 1983.

Veel plezier met de video en alle info, met dank aan WIKIPEDIA,

Marijke

 

– Sandra Reemer inspireerde me als jong meisje.

 

Op 5 juni 2017 overleed Sandra Reemer aan borstkanker. Een schokkend bericht, waardoor ik behoorlijk van de kaart was samen met heel veel anderen. Behalve de emotionele en fysieke pijn (enorme pijnaanval op borstbeen,tussen schouderbladen en maag) zijn er gelukkig de geweldige herinneringen aan mijn kindertijd.

Mijn vriendinnetje Iñez Schut en ik hadden ons zakgeld besteed aan elk een grammofoon- plaatje. Zij had dat met “Duizenden Sterren” van Sandra Reemer gekocht en ik “Spiegelbeeld” van Willeke Alberti. Dat was samen genieten! Veel luisteren en natuurlijk meezingen. Na al die jaren ken ik de woorden van het refrein van “Duizenden Sterren” nog steeds uit mijn hoofd. Ze was een kind-sterretje en wat voor één!!                    

Duizenden sterren, lichtjes van verre
 Hebben voorzichtig hun licht aangedaan
 Duizenden sterren, willen gaan schijnen
 Zachtjes, heel zachtjes komen ze aan

In 2003 stonden pianist Hugo van Neck, Slagwerker Bas Borsten en ik (klassiek zangeres) samen op de planken. We hadden een programma met veel improvisatie voor twee grote groepen schoolkinderen tijdens de Cultuurdag in Scherpenzeel. Ik had een verhaal geschreven over een zigeunermeisje, dat met haar aapje allerlei avonturen beleeft. Het aapje had ik in het bergdorpje Bardonnecchia in Italie gevonden in een speelgoedzaak. Dat was op zich een heel apart verhaal. Ik had tegen Eric gezegd, dat ik voor een Kinderpodium graag een speelgoed aapje wilde hebben , waarvan de armen zolang moesten zijn, dat ze om mijn middel pasten. Nog nooit had ik zoiets gezien, maar in die winkel waren er drie (!) in de etalage. Ik koos de witte en zijn naam werd: Roberto Scimmietta Bianca Bardonnecchia…. Te moeilijk volgens de lerares die mijn verhaaltjes en gedichten van de LOI cursus van commentaar voorzag, maar dit wilde ik niet veranderen.

 

 

Afijn, voor dit aapje zong ik op een bepaald moment tijdens de voorstelling: “Sluimer zacht”. De woorden kende ik van Sandra Reemer. Ik moet er zelfs nog een grammofoonplaatje van hebben, dat ik echter niet kan vinden. Het is afgeleid van “Summertime” uit “Porgy and Bess” van George Gershwin. Geweldige muziek. Tijdens het avondconcert voor volwassenen heb ik die versie gezongen.

 

 

 

Sluimer zacht, ga maar zorgeloos dromen
jij moet rusten, weer een dag is volbracht
Doe je oogjes toe, jij kent nu nog geen zorgen
Dus huil maar niet baby, sluimer zacht

Want op een morgen, komt er een eind aan je zorgen
Dan sta jij alleen, niemand die op je wacht
Maar tot die dag komt, zullen wij jou beschermen
Dus huil maar niet baby, sluimer zacht

 

Lieve Sandra, ik heb de laatste dagen allerlei artikelen over je gelezen. Over je inzet voor kinderen. Over je weg van de spiritualiteit. Over je liefde voor tuinieren. Dank je voor je mooie muziek en zang en alle positieve dingen die je voor de wereld hebt gedaan.

 

Wees een sterretje aan de hemel. Sluimer zacht….

 

Marijke

– Bach, Trio Picantolino, Mein gläubiges Herze.

Het is weer Pinksteren. De weersvoorspellingen zijn goed. Het is druk hier in de Ardennen. Veel toeristen. Veel kampeerders. Om 11 uur is de Mis vanuit Grimbergen op tv. We gaan met vrienden bij onze vriend Victor kijken nu hij geblesseerd is. Hij heeft jarenlang in Grimbergen gewoond. 

Natuurlijk moet ik ook altijd denken aan de prachtige PfingstKantate (Pinkster Cantate) van Johann Sebastian Bach: Mein gläubiges Herze.  Ons Trio Picantolino (zang, viool, piano) voerde deze ooit uit in de Hasseltse Kerk in Tilburg. Een geliefde video op YouTube, dus zet ik de link er naar toe op dit blog. Veel plezier bij het beluisteren.

Ook met ons trio MaGMa voerden we deze cantate uit. Vindt U het ook leuk deze te beluisteren, hier is de link naar de blog met deze uitvoering door Gérard Lambert en zijn 2 Marijkes: zang, dwarsfluit, orgel.

Hele fijne Pinksteren,

Marijke.