– Zingen bij Exposities 3: Hasseltse Kerk Tilburg

Vorige keer eindigde ik mijn blog met een stukje over mijn spontane improvisatie met cellist Emile Visser. U kunt het hier nog eens lezen en bovendien onze improvisatie (inclusief gedicht) beluisteren.

Soms ben ik zó geïnspireerd, dat ik zelf een gedicht schrijf en daarop improviseer. Alleen of samen met iemand anders, zoals in de Hasseltse Kerk in Tilburg met cellist Emile Visser. We hadden nog nooit samen muziek gemaakt, maar er ontspon zich een heel verhaal. Zo mooi als het zo klikt en dan ook nog tussen al die beelden en schilderijen verspreid over de kerk.

 

Als je improviseert, leer je je eigen zielenroerselen kennen en aan de oppervlakte brengen en uitdrukken in de wereld.

Eigenlijk waren de 2 jaren dat ik mee deed in de Hasseltse Kerk in Tilburg 2 enorme exposities. Er was een groep kunstenaars, die wilde voorkomen dat de kerk gesloopt zou worden. Er werden allerlei activiteiten georganiseerd, waaronder het vervaardigen en plaatsen van schilderijen en beelden en het geven van concerten.

Hoe het allemaal begon …

Ik studeerde aan de Schumann Academie in Rotterdam, waar ik bevriend raakte met Jacomijn van Duin (Jackie). Ze belde me op tijdens mijn vakantie met Eric in Noorwegen en Zweden met de vraag of ik me mee wilde inzetten voor het behoud van de Hasseltse kerk in Tilburg. Nou, dat sprak me wel aan. In 2000 trad ik er op met pianist Rudolf Borgardijn. Ik ontmoette er pianist Hugo van Neck, die er ook een concert gaf. 

In 2001 was ik opnieuw van de partij. Dit keer concerteerde ik samen met Peter (piano) en Christine Visser (viool) en Rudolf Borgardijn (piano). We hadden als thema “De Roos”.

Hugo en ik verzorgden samen een AUM-cirkel: het publiek zong de AUM-klank, terwijl Hugo en ik er bij improviseerden. Magisch!

 

 

Tevens organiseerde ik het “Open-Rozen-Podium”: mensen mochten er zingen, dansen, een instrument bespelen. Tijdens dit gebeuren besloten Emile Visser en ik samen te improviseren, waarbij we als uitgangspunt mijn gedicht “Ik ben de Roos” namen. Eén van de hoogtepunten in mijn muzikale carrière wat mij betreft.

Ik was jong en blijkbaar vol energie, want naast dit alles organiseerde ik ook nog een Meditatie-Reiki-Cirkel. Mijn zang-leerlinge Hanneke Tammes las een prachtig verhaal voor over de Pinksterroos=Pioenroos. De mensen zongen de Mantra “Jaya Jaya Devi Mata Namaha”, terwijl ik er bij improviseerde. Later deden we dit met de AUM-klank. 

Als je improviseert, leer je je eigen zielenroerselen kennen en aan de oppervlakte brengen en uitdrukken in de wereld.

Nog jarenlang heb ik met Hugo en Rudolf samengewerkt. Met Peter en Christine maak ik nog steeds muziek. In oktober komen ze hier logeren. Behalve samen wandelen, gaan we natuurlijk weer muziek maken en ook de Jacques-Perk-liederen van Peter voor klavecimbel, dwarsfluit en zang uitproberen samen met Marijke Verbeeck.

  

Fijne week,

Marijke

 

– Zingen bij Exposities 2: Tibet, Karma, Dalai Lama

Dit keer niet de naam van een kunstenaar. Ik wil graag vertellen hoeveel inspiratie je kunt opdoen in het samen-werken met een artiest uit een andere kunstrichting en hoezeer je die ander kunt inspireren.

Het is heerlijk om bijvoorbeeld improviserend te zingen, spontaan gevoed door wat je beleeft aan een schilderij, gedicht, stuk tekst, een dans of wat dan ook. Ik herinner me dat ik verschillende malen de tekst van  “Complainte de Vincent” van Jacques Prévert “gezongen” heb. O.a. bij de expositie van Jacomijn van Duin in Barendrecht.

Het is het dramatische verhaal van Vincent van Gogh. Ik droeg het gedicht ooit voor tijdens een wedstrijd van de Alliance Française (middelbare school) en won er een eerste prijs mee. Ook tekstgedeeltes uit boeken van Deepak Chopra inspireerden me tot zang- en bewegingsimprovisaties. En vorige week vertelde ik al over mijn spontane optreden n.a.v. een demonstratie Martial Arts tijdens een expo in Leiden. 

 

Schilderijen raken me door hun kleuren en vormen en brengen van binnen iets in beweging. Mijn stem gaat een eigen weg evenals mijn lichaam. 

 

Het is echter ook heerlijk om bestaande muzikale werken te brengen te midden van al die geweldige kunstuitingen in een bepaalde ruimte. Alles wordt intenser beleefd. Door mij, maar ook door de kunstenaar en de bezoekers van de expo. 

In Galerie Ron Mandos in Rotterdam hingen destijds werken van Jim Chasan met daaronder Boeddhistische teksten, die me raakten. Kort tevoren had ik me verdiept in de Tibet-geschiedenis en de rol van de Chinezen. Ik zou tijdens de expositie improviseren. Het zou met Tibet te maken hebben. Ik had net de film “Seven Years in Tibet” gezien. Ik was helemaal van de kaart en een emotionele warboel. De doeken van Jim Chasan gaven richting aan mijn gedachten en gevoelens. Mijn vriendinnen en partners in de kunsten Jackie van Duin en Cobi Janssens waren er bij (zie blog vorige week).

Later improviseerde ik opnieuw met de teksten van Chasan. Nu samen met pianist Hugo van Neck. Eric maakte er een video van met foto’s die we tijdens onze Ladakh-reis hadden gemaakt. Ook deze Ladakh reis was een uitvloeisel van de verschillende optredens rond Tibet.

Onze lerares Frans van de middelbare school raadde ons tijdens een gymnasium reünie af om naar Tibet zelf te gaan en adviseerde ons om naar Ladakh te gaan, omdat daar heel veel Tibetanen wonen. We hebben haar daar zelfs ontmoet en haar geadopteerde zoon Karma nam ons mee naar zijn Tankha-schilder-leraar en naar het Zomerpaleis van de Dalai Lama.

 

We hebben de Dalai Lama(6 juli 1935 geboren) ook daadwerkelijk ontmoet op 6 juli 2004 in Dharam Sala tijdens een bijeenkomst met vele vele mensen.

 

Soms ben ik zó geïnspireerd, dat ik zelf een gedicht schrijf en daarop improviseer. Alleen of samen met iemand anders, zoals in de Hasseltse Kerk in Tilburg met cellist Emile Visser. We hadden nog nooit samen muziek gemaakt, maar er ontspon zich een heel verhaal. Zo mooi als het zo klikt en dan ook nog tussen al die beelden en schilderijen verspreid over de kerk.

Als je improviseert, leer je je eigen zielenroerselen kennen en aan de oppervlakte brengen en uitdrukken in de wereld.

Hele fijne week,

Marijke

– Zingen bij Exposities 1 : Jacomijn van Duin

Toen ik aan de S.P.O.Middeloo in Amersfoort studeerde, moest ik na het eerste jaar kiezen welke richting ik wilde volgen. De opleiding bestond voor 50% uit creatieve vakken, waar ik enorm veel voldoening uit haalde. Maar … wilde ik handenarbeid-, drama-, of muziektherapeute worden? Een groot probleem in mijn leven is keuzes maken. Ik vond het geweldig om te musiceren, toneel te spelen en me uit te drukken middels allerlei materialen. Alles heel spelenderwijs en verkennend. Ik kwam er niet uit en koos daarom voor de richting Inrichtingswerk/ Sociaal Kultureel Werk.

 

Misschien verklaart dit, waarom ik zo graag samenwerk met allerlei artiesten uit andere kunstrichtingen. Als ik mijn mappen doorblader, zie ik dan ook heel wat foto’s van optredens bij exposities.

 

Vandaag wil ik praten over mijn vriendschap en samenwerking met Jacomijn van Duin, of kortweg “Jackie”. Ik leerde haar kennen tijdens onze opleiding aan de Schumann Academie. (Zie mijn blog over Euwe de Jong en Peter Visser met zijn Cantata Picantoliniana) We raakten al snel bevriend. Zij studeerde piano; ik zang. We volgden samen alle muziek-theoretische vakken. Jackie schilderde ook en ze had in die jaren exposities (solo) in Barendrecht en (niet solo) in Leiden.

 

Bij beide tentoonstellingen zong ik: bij de eerste bestaande stukken en improviserend op Jackie’s gedichten; bij de tweede spontaan improviserend na een optreden van 2 mensen die een fascinerende voorstelling gaven met hun “martial arts”.

 

 

 

We leerden daar fotograaf Willem Vermaasse kennen, die ons uitnodigde om naar zijn werkplaats te komen om daar plaatjes van me te schieten, terwijl ik al zingend zou improviseren op gedichten van Jackie. 

Jackie is degene die mij in kontakt bracht met pianisten Peter Visser, Hugo van Neck en Bernard Zwueste; zangeres Cobi Janssens; Hein Verschure van het kunstenaarsproject in Tilburg om de Hasseltse Kerk te behouden. 

We hebben samen hele vruchtbare jaren beleefd. Op dit moment wisselen we ook veel ideeën, herinneringen, gedichten en muziek uit.

 

 Ik houd van je Jackie. Dank je voor al het moois dat je aan mijn leven hebt toegevoegd en toevoegt.

Marijke

– Peter Visser : Cantata Picantoliniana

Hoe leuk is het om een trio te vormen met een pianist-componist en een violiste?! Peter Visser en ik hebben elkaar zo’n 18 jaar geleden in theater Pepijn in Den Haag ontmoet.

 

Mijn vriendin van de Schumann Academie, Jackie van Duin, had me daar mee naar toe genomen. Ik ben haar daar héél dankbaar voor, want sindsdien is er een hechte vriendschap ontstaan tussen hem, zijn vrouw Christine en mijn man Eric en mij.

We hebben vele malen samen geconcerteerd als het Trio Picantolino. Behalve werken van bekende componisten, hebben we ook heel wat composities van Peter zelf ten gehore gebracht. Zelfs een Friese Liederencyclus. We stonden regelmatig in de Haagse Kunstkring; deden mee aan concerten in Voorburg, het Haags Conservatorium en bij componist-pianist Frank den Herder thuis.

We maakten lange reizen naar Sellen in Duitsland om daar in de Anthroposofische gemeenschap onze muziek te laten horen. Een dankbaar en altijd weer enthousiast publiek. Ook in de remonstrantse kerk van Waddinxveen waren we te gast. En natuurlijk traden we op in Bussel, toen Eric en ik daar woonden. 

 

Zondag 2 september vierden Eric en ik ons 40-jarig huwelijk op een boot op de Kager Plassen samen met onze familie en vrienden. Natuurlijk waren Peter en Christine er ook. Peter had  veel werk van gemaakt van hun muzikale bijdrage. Hij schreef de “Cantata Picantoliniana”. Dit was tevens een soort quiz. Peter en Christine speelden hem en wij mochten zeggen wat er allemaal langs kwam.

Wat we samen ontdekt hebben, zijn de volgende stukken: “Eine kleine Nachtmusik” van Mozart; Symfonie nummer 5 in c-mineur van Beethoven; “Va pensiero” uit de opera Nabucco van Verdi; “Der Hirt auf dem Felsen” van Schubert; “Dansons!” van Lalo; “Flammende Rose” van Händel; “De dream fan ’n lokkich libben” van Peter Visser (gedicht van Obe Postma); “Csárdás” uit de operette Die Fledermaus van Johann Strauss; “Agnus Dei” van Mozart; “America” uit de West Side Story. 

Peter en Christine ontzettend bedankt voor jullie compositie en uitvoering! Kees van Tol en onze dochter Mara enorm bedankt voor de foto’s van 2 september!

 

Hele fijne week,

Marijke

– Caro Mio Ben én Robijnen Bruiloft

Giuseppe Giordani (1744-1798) componeerde de muziek voor “Caro mio ben”. Een prachtige tekst met een prachtige melodie en ik zal dit lied op zondag 2 september zingen voor mijn man Eric met wie ik op 4 september 40 jaar getrouwd zal zijn.

Jullie vinden bovenaan dit blog de video, die Eric maakte met behulp van de opnames gemaakt tijdens het Trio MaGMa Lente-Concert in de kerk van Gênes op 29 april 2018.

Tekst Caro mio ben:

Caro mio ben, credimi almen,
senza di ti languisce il cor,
Caro mio ben, senza di ti
Languisce il cor,
 
Il tuo fedel sospira ognor.
Cessa, crudel, tanto rigor!
Cessa, crudel, tanto rigor!
tanto rigor!
 
Caro mio ben, credimi almen
senza di ti languishe il cor,
Caro mio ben, credimi almen
senza di ti languishe il cor.
 
 
En waarom nu juist deze tekst?
Hoewel het in deze arietta een man is die zijn geliefde toezingt, zal ik het nu zijn, die mijn dierbare echtgenoot laat weten, dat hij mijn grote liefde is en dat mijn hart zonder hem weg kwijnt.
 
“Ik ben je trouw en slaak immer zuchten om jou. Dus ga weg wrede kilte. Mijn dierbare geliefde, geloof me als ik je zeg, dat mijn hart weg kwijnt zonder jou.”
 
 
 
Ik wens jullie een hele fijne week,
 
Marijke